Motief

Wat borduur ik op mijn japon? Gebr. Kluitman 1923

Dit boekje, uitgebracht in 1923 door Gebr. Kluitman uit Alkmaar, is oorspronkelijk een Duits handwerkboekje. Op de cover staat rechts onderaan slecht te lezen Verlag WLS… Berlin. Een doodlopend spoor.

Het boekje ontroert mij. Door illustratie en letters, dacht ik eerst, van de matte met de hand getekende cover. Fraai door het contrast van kleurrijke kleding en stoffen tegen de zwarte achtergrond. Of toch door het 100 jaar oude papier en de tekeningen die erin staan van japonnen en borduurpatronen?

Inmiddels weet ik dat vooral de gestelde vraag mij ontroert: Wat borduur ik op mijn japon? Een eenvoudige vraag. Een vraag die je aan jezelf stelt als je tijd hebt en om je heen kijkt welke japonnen je allemaal hebt. Tijd om te kijken welke japon lekker opknapt van een beetje borduren. En wát borduur je er dan op?

Ik droom weg bij dit boekje. Ik droom over rete-knap borduurwerk dat ik produceer, over lieve familieleden die voor mij door dit boekje bladerden, welke patronen ze gebruikten en voor welke japonnen. Hoe zij het in 1923, in de etalage bij de boekhandel zagen liggen en het glunderend kochten. En ik droom verder over geweldig borduurwerk, zwierende japonnen en prachtige illustraties…

Ik droom wel vaker.

Zo heb ik regelmatig gedroomd over het stilzetten van mijn wereld. Ik had echter nooit een idee hoe ik dat voor elkaar moest krijgen. Gewoon praktisch gezien, want ik zat er immers middenin. Ik bedacht dan om ‘s morgens mijn werkgever even te bellen: ‘Ja hallo, met mij, vanaf vandaag heb ik besloten dat ik de boel stilzet. Ik moet nodig opnieuw opstarten, in afzondering. Dus zodra ik zo ver ben, kom ik graag weer terug.’

Omdat ik mijn eigen kostwinner ben lukt dit niet. En mijn werkgever vindt het ook niet gezellig. Mijn voornemen – op jonge leeftijd besloten – om mij nooit te hoeven laten leiden door geld en te kunnen kiezen voor intrinsieke drijfveren krijgt hierdoor een optater van jewelste. De vrees van een verloren illusie is groter dan het nadenken over betalen van rekeningen. Het aanvankelijke voornemen kan alleen vanuit vrijheid en rijkdom worden bedacht. Toch blijft het knagen.

Maar zou het stilzetten ook iets op kunnen leveren? Het gedachte-experiment vond ik interessant. Ik stelde mij voor hoe het zou zijn wanneer ik mij kon onttrekken aan alle verplichtingen die ik in het dagelijks leven heb. Ik stelde mij voor dat als ik echt alleen zou zijn en alle tijd zou hebben, mijn bijdrage voor de wereld weer sijpelend binnen zou komen. Dat ik erachter zou komen wat mijn diepste verlangen is, zodat ik dat zou kunnen doorgeven. Juist omdat ik dat in de vaart een beetje kwijt was geraakt.

Soms dacht ik zelfs dat het voor hele volksstammen goed zou zijn om allemaal eens even pas op de plaats te maken. Zodat we allemaal eens goed konden nadenken. En los zouden komen van een ritme en structuur die het onmogelijk maakt om werkelijk in stilte, afgezonderd, tot nieuwe inzichten te komen. Ik dacht soms dat iedereen wel om de vijf jaar een half jaar werkverlof zou verdienen. En dán dat gaan doen wat je werkelijk wilt. Ik zou heel graag ieder half jaar in een volstrekt andere en nieuwe omgeving een zinnige bijdrage willen leveren, sociaal en betrokken, vanuit creativiteit. Maar in ons systeem is dit niet mogelijk…

En toen haalde de realiteit ons in. Al zijn mijn dagen behoorlijk gevuld – we werken immers thuis – toch ben ik in stilte, in afzondering. De manier waarop een virus nu de wereld stilzet had ik zelf niet kunnen verzinnen.

Maar ik ben niet van plan mij als een kluizenaar terug te trekken; ik kom hier graag uit met nieuwe inzichten. Je moet immers blijven dromen, anders verlies je de hoop dat het ooit nog beter of mooier wordt. En borduren op een japon lijkt me dan een probaat middel. Wat borduur ik op mijn japon? Bulgaars borduurwerk op de mouwen, lijkt mij wel wat. En dan weer lekker zwieren, met een nieuw elan.