De Obama’s en Mevrouw R. houden allemaal van uitpakken

Uit de porceleinkast van Mevrouw R.Bij de Obama’s thuis schijnen ze nogal goed in het servies te zitten. Dat las ik althans afgelopen donderdag in de Volkskrant. Een artikel naar aanleiding van het traditionele Thanksgiving-diner.
Ach, dacht ik, bij Mevrouw R. thuis hebben ze ook een goed gevulde porseleinkast.

Er zijn twee huishoudelijke componenten die er voor kunnen zorgen dat de diep-verstopte huisvrouw in Mevrouw R. schreeuwend van genoegen ontwaakt: Dat is de porseleinkast en de linnenkast.

Een linnenkast met strak getrokken linnengoed in stapels op de planken. Alles keurig opgevouwen op één uniforme, strakke manier. Helemaal in het wit samengesteld: kraakhelder en fris. De planken eventueel afgezet met een ouderwets kastrandje van kant of linnen. Ik vind het beeldschoon.
De linnenkast bevat minstens 26 lakens, 12 grote badlakens, 20 handdoeken. En maar stapelen in die kast.
Vooraf alles gespaard en verzameld, eventueel in samenspraak met een Walra adviseuse – een vrouw die raad geeft op het gebied van linnengoed – en moederlief. Jarenlang. Bijvoorbeeld al begonnen rond de vijftiende verjaardag. Die verkering was helemaal nog niet in zicht. Maar met het linnengoed kwam het in ieder geval goed. Wat deed die verkering eigenlijk in de tussentijd? Alvast als voorbereiding, bedoel ik. Toen ze elkaar nog niet hadden ontmoet.

Dan de porseleinkast. Ook hierin geven indrukwekkende stapels meer resultaat. Stapels op planken, achter deuren, met of zonder glas.
Tuurlijk, gewoon één stapeltje witte borden is ook best gezellig en voldoende. Maar diversiteit en variatie maakt lyrisch en zorgt voor enthousiaste tafeldekkers. Bij het geserveerde eten een bijpassend servies kiezen. Iedereen een ander bordje, passend bij elkaar of alles serveren op één servies. In de porseleinkast zie ik soms ook wel eens iets over het hoofd. Omdat er stapels zijn van diverse samenstellingen. Mijn eigen porseleinkast is dus steeds weer opnieuw een feestje van vernieuwde kennismaking.

Veel porselein op de foto heb ik gevonden in België. Behalve het bordje met de ietwat nukkige automobiel-chauffeur. Ik begrijp zijn nukkigheid niet helemaal. Kijk hem toch eens lekker voort pruttelen in zijn automobiel. Niets aan de hand, lijkt mij.
Dat bordje is afkomstig van mijn ouders. Het is een gebaksbordje van een meerdelig taart servies. Ieder bordje toont een automobiel uit een andere tijd. Gekocht in de jaren zestig, in Rotterdam. Volgens mij was het een huwelijkscadeau.

Het bordje met de vlinder. Ontroerend, zo’n zachte, tere fladderaar. Doet het leuk bij een broodje garnaal-croquette met gefrituurde peterselie en een schuifje citroen. Of het bordje met de gouden bloemen voor een salade, met mooie felle kleuren. De andere bordjes zijn onderdelen van setjes die kinderen kregen bij de eerste communie.

De Obama’s pakken nogal uit tijdens banketten. Mevrouw R. heeft ook plannen in die richting en niet alleen aan tafel. Uitpakken en (u) inpakken. En nu wegwezen.

Schrijf een reactie

*